
Even geen WhatsApp: zo kwetsbaar is onze digitale bereikbaarheid
Vanochtend was ik mijn WhatsApp eens flink aan het opruimen. Oude video’s, doorgestuurde GIF’jes, audioberichten waarvan ik me niet eens meer kan herinneren waarom ik ze ooit bewaard heb. Alles bij elkaar zo’n vijf gigabyte aan data. Dat ruimt lekker op, dacht ik nog.
Tot later die ochtend.
Plotseling op zwart
Uit het niets bleek mijn WhatsApp-account geblokkeerd. Geen meldingen, geen chats, geen mogelijkheid om iets te sturen of te lezen. Gewoon: niks. Alsof iemand zonder aankondiging de stekker eruit had getrokken.
De timing voelde verdacht. Zou het opruimen van die grote hoeveelheid bestanden zijn gezien als “ongewoon gedrag”? Door Meta, het moederbedrijf van WhatsApp, misschien geïnterpreteerd als iets dat niet door de beugel kan? Ik zal het antwoord waarschijnlijk nooit weten.
Wat je dan rest, is een verzoek indienen om je account opnieuw te laten beoordelen. Inclusief de vriendelijke mededeling dat de gemiddelde wachttijd zo’n 24 uur is. En dan is het afwachten.
Wachten zonder bereik
Na een dikke twaalf uur kwam de verlossing: WhatsApp deed het weer. Oprechte opluchting. Ik kon weer communiceren met vrienden en kennissen, zonder dat Mark Zuckerberg daar (tijdelijk) een stokje voor stak.
Maar in die twaalf uur zonder toegang viel me iets op. Hoe ongemakkelijk het eigenlijk is als zo’n centrale communicatielijn ineens wegvalt. Even snel iemand appen? Niet mogelijk. Een groepsgesprek volgen? Vergeet het maar. Zelfs praktische dingen: “ik ben wat later” of “gaat het door?” werden ineens lastig.
Hoe afhankelijk zijn we geworden?
Het moment dat je geen toegang meer hebt tot je WhatsApp-account, voel je pas hoe groot de rol is die die ene app speelt in je sociale leven. Voor veel mensen is WhatsApp het internet. Het adresboek. De agenda. De koffiepraat. Alles in één.
En dat wringt. Want die toegang is dus niet van jou. Die is voorwaardelijk. Een algoritme, een geautomatiseerde detectie of een foutje aan de andere kant kan genoeg zijn om je tijdelijk af te sluiten van je netwerk.
Ik heb overigens ook Signal op mijn telefoon staan. En ik gebruik het. Met een paar mensen. Maar het merendeel van mijn vrienden en kennissen wil niet overstappen. “Iedereen zit toch op WhatsApp?” En daarmee is de cirkel weer rond.
De macht van platforms
Dat één bedrijf zoveel invloed heeft op iets basaals als onderling contact, blijft een ongemakkelijk idee. Natuurlijk, ik heb geen complottheorieën. En ja, platformen moeten misbruik tegengaan. Maar transparantie ontbreekt vaak volledig. Geen duidelijke reden, geen echte uitleg, alleen een formulier en wachten.
Wie wil nalezen hoe WhatsApp hier zelf naar kijkt, kan terecht op de officiële WhatsApp-website of de informatiepagina’s van Meta. Voor wie serieus nadenkt over alternatieven: Signal zet sterk in op privacy en minimale afhankelijkheid van centrale macht.
Tot slot: een paar nadenkertjes
Dit kleine incident zette me aan het denken. Niet boos, niet paniekerig, maar wel scherper.
- Wat gebeurt er als dit geen twaalf uur duurt, maar twee dagen? Of een week?
- Hoeveel contactlijnen heb jij nog als WhatsApp morgen wegvalt?
- Is het gemak van “iedereen zit erop” echt belangrijker dan autonomie?
- En misschien wel de lastigste: hoeveel macht vinden we eigenlijk normaal voor een platform dat ooit begon als simpel chatprogramma?
Geen pasklare antwoorden. Wel vragen die blijven hangen, zelfs nu mijn WhatsApp het weer gewoon doet.
